Hoe maak je contact met iemand die straks misschien niet meer weet wie je bent? Voor woonleefbegeleider Hellen zit het in kleine dingen. Een glimlach, een liedje, een aanraking. Connectie telt, zeker als herinneringen vervagen.
Graag werken met ouderen
Hellen is 23. Ze werkt als woonleefbegeleider in woonzorgcentrum Verbert-Verrijdt in Schoten. Eerst leek haar pad nochtans richting de kinderzorg te gaan: ze studeerde jeugd- en gehandicaptenzorg en deed daarna een graduaatsstudie in orthopedagogie. “Maar tegen dat ik afstudeerde, wist ik zeker dat ik iets met ouderen wilde gaan doen”, vertelt ze.
Geïnspireerd door de bomma
Die klik met ouderen is er eigenlijk altijd geweest, herinnert Hellen zich. “Ik heb altijd een goede band gehad met mijn bomma en bompa. Ik kwam supergraag bij hen over de vloer. Ik heb zelfs een jaar bij mijn bomma gewoond, omdat ik werk gevonden had bij haar in de buurt. Via haar leerde ik ook andere ouderen kennen. Zo groeide het idee om in een woonzorgcentrum te solliciteren.”
Wat doet een woonleefbegeleider?
Vandaag werkt Hellen al 3 jaar als woonleefbegeleider op de beschermde afdeling voor personen met dementie. “Mensen kennen de job als animator, maar we doen veel meer leuke dingen, zoals de band met de familie mee onderhouden, wensen van bewoners proberen te vervullen, en gewoon het beste maken van het leven van elke dag. Ik leer voortdurend bij en krijg ondersteuning van een referentiepersoon dementie.”
Wat is dementie?
“Dementie bestaat in verschillende vormen en fases, zoals de ziekte van Alzheimer, vasculaire dementie of frontotemporale dementie”, legt Hellen uit. “In het begin weet iemand misschien niet meer of het ochtend of avond is. Anderen verliezen hun zelfbesef en weten bijvoorbeeld hun leeftijd niet meer. En sommigen raken ‘verzonken’, waardoor het moeilijk wordt om nog te communiceren. Dan is het een kwestie van lichamelijk nog contact te blijven maken, bijvoorbeeld door aanrakingen.”
“Als je niet weet waar je bent, ben je opgelucht dat er iemand naar je glimlacht.”
Geen herkenning, wel vertrouwen
Van de 42 mensen op de afdeling zijn er volgens Hellen maar 3 die haar echt herkennen. “Misschien kennen ze me wel van gezicht, maar meer niet. Maar zodra je naar iemand lacht, zie je vertrouwen. Soms zeggen bewoners tegen me: ‘Ik ben blij dat jij er bent’, ook al weten ze niet wie ik ben. Een vriendelijk gezicht doet veel. Beeld je maar eens in dat jij niet weet waar je bent en dat je niemand om je heen herkent. Dan ben je opgelucht dat er iemand naar je glimlacht.”
Niet betuttelen
“Contact maken verloopt bij elke bewoner anders”, vertelt ze. Toch zijn er een paar dingen die bijna altijd helpen. Op ooghoogte gaan zitten, bijvoorbeeld. Luisteren. En mensen serieus nemen. Begin vooral ouderen niet te betuttelen, benadrukt Hellen. “Noem Jeanne niet zomaar Jeanneke zonder haar toestemming. Het blijven volwassen mensen, die dingen bereikt hebben in het leven. Het zijn geen kinderen.”
Moeilijke momenten
Het leven op de beschermde afdeling voor mensen met dementie is niet altijd makkelijk. “Soms roepen mensen: ‘Waar ben ik? Ik moet naar huis!’ Dat komt binnen, maar je leert ermee om te gaan. Onvermijdelijk overlijden er ook bewoners. We hebben niet veel tijd om te rouwen, want er staan al volgende mensen op de wachtlijst. Soms overvalt een herinnering me wel. Bijvoorbeeld als ik een foto van iemand terugzie op Facebook of een activiteit doe waarvan ik denk: dat zou hij of zij ook leuk gevonden hebben.”

Plezier maken in het nu
Toch trekt Hellen zich vooral op aan de mooie momenten: “Ik probeer in gedachten te houden dat iedereen hier een vol leven heeft gehad. En dat ze hier ook plezier beleven. Op het einde van de dag ben je blij dat je iemand hebt laten lachen, al was het vijf minuten. Soms herinner ik hen er zelf aan: ‘We hebben daarstraks iets leuks gedaan!’ en dan klinkt het soms: ‘Dat weet ik niet meer.’ Maar ze zijn toch blij om het te horen.”
De tandarts die blijft denken als een tandarts
“Vaak zie je de persoonlijkheid van een bewoner wel nog doorschemeren. Dan krijg ik een opmerking als: ‘Zeg, heb je je bloes niet gestreken?’ of ‘En, heb je al een vrijer? Laat eens een foto zien’. En een van onze bewoners die tandarts is geweest, zegt regelmatig: ‘Amai, jij hebt een mooie lach.’ Dat beroep, dat blijft er toch inzitten.”
De kleine dingen zijn de grote
Soms komen er ook scholen op bezoek in het woonzorgcentrum. “We vinden het belangrijk om het contact met de buitenwereld te behouden. Dan bereiden we de kinderen wel goed voor. We leggen uit: ‘Deze mensen vergeten veel. Ze kunnen rare dingen zeggen, maar ze bedoelen het goed’. Kinderen, dieren, muziek: iets kleins kan een krachtig effect hebben. Als iemand mama is geweest, zie je dat bij zo’n schoolbezoek meteen. Dat moederinstinct komt dan weer naar boven.”
“Als het niet meer gaat, is het oké om even afstand te nemen.”
Hoe ga je ermee om als familie?
Voor familieleden is dementie niet gemakkelijk. “Het komt hard binnen als een geliefde je niet meer herkent”, zegt Hellen. “Als het niet meer gaat, is het oké om even afstand te nemen. Dat is beter dan je frustratie af te reageren met opmerkingen als: ‘Je weet het straks toch niet meer’. Kom liever kort langs dan lang te blijven uit schuldgevoel. Mijn advies is: ga op bezoek maar heb niet te veel verwachtingen.”
Blijf erover praten
Dementie blijft een van die onderwerpen waar mensen niet graag over praten. Toch merkt Hellen dat het meer en meer een topic aan het worden is. “Iedereen kent wel iemand met dementie. Het is belangrijk dat we het erover hebben en dat het minder een taboe is. Er bestaan onder andere praatgroepen waarin familieleden ervaringen kunnen delen met mensen die hetzelfde meemaken.”

Een schone lei
Toch is het niet allemaal zwaar en moeilijk. Werken met mensen met dementie heeft ook een verfrissende kant, vindt Hellen. “Je begint elke dag met een schone lei. Zo zouden wij ook wat meer moeten zijn: elke dag opnieuw beginnen. Of iemand nu gemeen tegen je geweest is of niet, je geeft ze de volgende dag gewoon een nieuwe kans.”
Nu is het aan hen om te genieten
“Ik probeer me ook in te beelden hoe het moet zijn voor die persoon”, legt Hellen uit. “Dan krijg je vanzelf meer empathie en geduld. Uiteindelijk worden we allemaal ooit oud. Dan willen we toch ook dat er voor ons gezorgd wordt? Deze ouderen hebben veel gebouwd waar wij hen als jongeren dankbaar voor mogen zijn. Ze verdienen het om nu plezier te hebben. Dan ben ik gewoon blij dat ik iets voor hen heb kunnen doen.”
Meer weten over dementie?
Je vindt meer informatie op www.dementie.be en www.alzheimerliga.be. Verblijft je naaste in woonzorgcentrum Verbert-Verrijdt? Dan kan je terecht bij:
- de referentiepersoon dementie
- de aanspreekpersonen dementie
- gespreksgroep 'Vergeet me niet' voor partners en familieleden
- praatcafé dementie Lichtpunt
- inloophuis dementie in Schoten
Er is ook een brochure: “Hoe ga ik op bezoek bij een persoon met dementie?” Ook in andere woonzorgcentra zijn er gelijkaardige initiatieven, dus vraag ernaar. Je staat er niet alleen voor.

